Melkgeiten biologische bedrijven

In 2025 zijn er 56 biologische bedrijven met melkgeiten

Het aandeel biologische bedrijven met melkgeiten is tussen 2016 en 2025 gedaald en bedraagt 9%.

Bedrijven

In 2025 zijn er 56 biologische bedrijven met melkgeiten. Hiervan zijn 50 bedrijven gespecialiseerd. Het aantal schommelt. In 2021 was het aantal met 80 het hoogst; daarna neemt het aantal ieder jaar af. Dit wordt mede veroorzaakt doordat de geitenbedrijven mee kunnen doen aan beëindigingsregeling kleinere veehouderijsectoren. In 2025 zijn er 30 aanvragen ingediend. In 2016 waren er 53 biologische bedrijven.

Aandeel

Het aandeel biologische bedrijven met melkgeiten is tussen 2016 en 2025 gedaald en bedraagt 9%. Na 2017 is dit aandeel afgenomen. Het aandeel ligt hiermee vrij hoog in vergelijking met andere diersoorten. Het aandeel biologische dieren ligt op 7,1% in 2025 en was op zijn hoogst in 2018 en 2019 met percentages van net boven de 9%.

Dieren

Het aantal biologische melkgeiten nam toe van 27.000 in 2016 naar ruim 43.000 in 2021 en 2022. Daarna daalde dit aantal tot bijna 33.500 dieren in 2025.

Provincie

Het aandeel biologische melkgeiten is met 57% het grootst in de provincie Groningen in 2025. Zuid-Holland en Utrecht volgen op afstand met 19%. In de provincie Flevoland zijn geen biologische geiten aanwezig.
De provincie Overijssel telt in 2025 de meeste biologische geiten: ruim 6.300. De provincie Utrecht volgt met ruim 5.100. In Drenthe komen het minst aantal biologische geiten voor.

Over deze indicator

Deze indicator toont informatie over bedrijven met biologische melkgeiten. Het betreft het aantal bedrijven uitgesplitst naar gespecialiseerde en overige bedrijven. Een bedrijf is gespecialiseerd als het aandeel van de betreffende diersoort in Standaardopbrengst (SO) gemeten meer dan 2/3 van het totaal aantal SO uitmaakt. Het betreft ook het biologisch aandeel in bedrijven en dieren en een verdere specificatie van het aantal dieren. Het aantal en aandeel wordt ook met 2 kaarten per provincie weergegeven. Deze informatie is gebaseerd op gegevens uit de CBS-Landbouwtelling.

Het gaat daarbij om bedrijven met een Standaardopbrengst (SO) van minimaal € 3.000. De SO van de bedrijven wordt normatief berekend aan de hand van de opgegeven aantallen dieren (peildatum 1 april) en de gewasoppervlakten (peildatum 15 mei). De afbakening van de bedrijven in de Landbouwtelling is in de loop der jaren een aantal keer gewijzigd. Een grote verandering vond plaats in 2016. Vanaf toen zijn alleen bedrijven meegenomen die in het handelsregister staan ingeschreven met een agrarische activiteit (SBI). In de Landbouwtelling zijn ook bedrijven opgenomen die niet hebben gereageerd op het verzoek om de Gecombineerde Opgave in te vullen. De gegevens van die bedrijven zijn door het CBS geschat.